Tooneel te Brussel: "Slaet op den Trommele" ("The Song of Drums") van Ashley Dukes

Anon., 1926-12-12


Source

Nieuw Rotterdamsche Courant, 1926-12-12


Items that may be related to this text • More...

  1. ◼◻◻◻◻ Anon.: Opening van den Koni... 1920-11-01
  2. ◼◻◻◻◻ Anon.: Pirandello in den Vl... 1924-10-09
  3. ◼◻◻◻◻ Willem Putman: Piet Langendijk : "D... 1926-07-15
  4. ◼◻◻◻◻ Anon.: De Spooktrein... 1936-04-27
  5. ◼◻◻◻◻ Anon.: Een théâtre d'avan... 1925-05-12

Tooneel te Brussel.

Slaet op den Trommele ("The Song of Drums") van Ashley Dukes. Vlaamsche Schouwburg.

Brussel, December.

(Particuliere correspondentie.)

Een episode uit De Coster's beroemd boek: Tijl Uilespiegel. Terecht mocht de heer Poot, directeur van den Vlaamschen Schouwburg te Brussel, er op wijzen, dat de viering van De Coster's eeuwfeest wordt ingezet met een Vlaamsche manifestatie. Doch meer curieuze vaststellingen zijn aan deze première verbonden. Gespeeld werd een Engelsch tooneelwerk, dat nog niet werd vertoond in de oorspronkelijke taal en dat, over het Kanaal heen, terecht is gekomen in onzen Vlaamschen Schouwburg, waar het gecreëerd werd. In de Engelsche tooneelbladen is heel wat belang gegeven aan dit incident, te meer door Ashley Dukes alles, behalve een onbekende is. Werk van hem werd maandenlang te Londen gespeeld-- en op dit oogenblik wordt de première van het hier bedoelde stuk: The song of Drums, voorbereid te New-York. De Vlaamsche Schouwburg te Brussel is New-York vóór geweest. Sinds wij een stuk van Henri Ghéon zagen verzeilen uit het leescomiteit van de Comédie Française naar een dilettantenkring te Sint-Niklaas, kunnen wij daarover nog bezwaarlijk verwonderd zijn. Als 't, zoo voortgaat, wordt Vlaanderen nog een internationaal experiment-veld voor vernieuwers van het tooneel. Dat bezorgt ons voorloopig hoofdpijn en interessante vertooningen. Eens te meer was dit nu het geval.

De proloog van dit nieuwe stuk, dat de vertaler V. Van den Berghe Slaet op den Trommele heeft genaamd, bloeit open als een rijke belofte. Hier is uitstekend het epos omgezet in een dramatische verwerking. Het is een opeenvolging van vier statige, indrukwekkende beelden, waarvan dan de scenische ietwat kinematographische realisatie buitengewoon boeide en bekoorde. We zien het prachtige boek van De Coster beeld worden, beeld, waardoor de felle adem des levens joeg. Wij voelen, dat iets groots en verhevens begint. Voor het doek opgaat, wordt de zaal in het donker gezet. Uit den orkestbak schiet een verblindende lichtstraal op en zet in een felle klaarte een heraut, die aandacht Vraagt voor het heroïsch spel. Het doek rijst, zwart gordijnen-décor. In het midden van het tooneel een bed, waarop een vrouw ligt uitgestrekt. Bezijden vermoeden wij een wiegje, waarboven het angstig-gelukkige gelaat van den vader. Tusschen de ouders van het pasgeboren nichtje rijst de gestalte van Kathelijne, de vroedvrouw, als een standbeeld. En als vlammende teekenen boven dit aangrijpend beeld komen de woorden van De Coster's boek naar ons toe. De zon staat op, en een felle lichtstraal dringt binnen langs het vensterraam. Daar is een scherpe worsteling tusschen licht en donker -- en het tooneelbeeld gelijkt aan een schilderij van Rembrandt. Klaas, Tijl's vader, jubelt:

"Kind met den helm, zie, daar is moeder de Zon, die Vlaanderenland komt groeten. Bezie haar als uwe kijkers zullen open zijn; verkeert gij later ooit in twijfel, weet gij niet wat te doen om goed te doen, ga dan om raad bij de Zonne; zij is warm en helder. Wees zou goed als zij warm, zoo eerlijk als zij helder is."

Maar Kathelijne, de vroedvrouw, die Nele in haar schoot draagt, krijgt nu ook de zon in.haar gelaat en meteen verheft zij hare stem, als was zij een waarzegster. Zij voorspelt de geboorte van Spanje's erfprins gedurende dien zelfden nacht. Hare hand strekt zij over het pasgeboren wichtje uit en aan het volk van Vlaanderen roept zij:

"Uilenspiegel is uw geest; een lief en bevallig meisje, Uilenspiegel's gezellin en onsterfelijk als hij, zal uw hertzijn, en Lamme Goedzak, een dikke pens, uw maag. En; omhoog zullen de opeters van het volk gaan, en omlaag hunne slachtoffers; omhoog de roovende wespen, omlaag de noeste bijen, en in den hemel zullen de wonden van Christus bloeden."

In het tweede beeld, dat hier onmiddellijk op volgt, worden de kinderen Tijl en Nele thuisgebracht van de doopplechtigheid. Klaas tracteert zijn gezellen in een schilderachtige groep zitten ze geschaard aan den disch. De kroezen bier worden tegenaan gestooten en de eed tegen Spanje klinkt gebeten en wrokkig op.

Buiten echter schallen klaroenen. Kathelijne, de moeder van Nele, wordt gehaald en gebrandmerkt, want zij weet niet, wie van haar kind de vader is. En de woede der mannen stijgt. Derde beeld: een tiental jaren later. Tijl en Nele zijn verloren. Niemand weet, dat ze verborgen zitten in de kist en alles afluisteren. Zoo redt de kleine Tijl den schat, die voor hem is weggestopt onder een steen van de haardstede. Als de inquisiteurs komen, vinden ze den schat niet meer, maar nemen den vader mede, dien zij als ketter zullen verbranden.

En de proloog sluit met dit beeld. In de zwarte gordijnen-omheining staat alleen Molleken, Tijl's moeder, en houdt haar jongen tegen zich aangedrukt. Purper licht valt binnen. Buiten is er geraas en gewoel. Kathelijne komt binnen, schuw, ontdaan, dragende in hare handen de asch van den verbranden Klaas. Molleken legt de asch van Klaas op Tijl's borst. En de stilte hangt een oogenbiik staag en mysterieus om deze groep heen. Doek.

Op dezen machtigen, indrukwekkenden proloog hier vinden wij in hooge mate datzelfde hallicunante dat De Coster's boek kenmerkt; deze vier beelden zijn over ons gegaan als nachtmerrie's volgt het eigenlijke drieledig stuk Slaet op den Trommele, als iets dat zoo weinig in verhouding blijft met den proloog, dat het er werkelijk uitziet als een soort.... operette, of dan ten minste als iets dat gaandeweg operette wordt. In het derde bedrijf twijfelt daar geen mensch meer aan. Alleen ware het met het oog daarop wenschelijk geweest, dat de figuratie niet achter de schermen, bleef om het geuzenlied als slotkoor te zingen. Bovendien -- en dit is van beteekenis -- werd de wanverhouding tusschen proloog en stuk onderlijnd door de regie, die de uitbeelding van den proloog met zorgen omringde en op uitstekende wijze het synthetisch karakter van dit déél van het stuk weergaf en dan verder het "heroïsch spel" verwaarloosde. De voornaamste fout van dit spel is dan, dat het te zeer anecdote wordt. Na den proloog moest de volgende episode van zulken aard zijn, dat zij een soort symbool van Tijl's leven worden kon, aldus aansluitende bij den breeden synthetischen inzet. De auteur heeft vooral den strijd tusschen Oranje en Spanje verwerkt. Het eerste bedrijf is nog min of meer bevredigend en met een behoorlijke regie kan dit zelfs nog heel goed worden. Het eenig goede, dat hier de vertooning bood, was het décor: een reusachtige toren (de toren van Damme), waarlangs de kleurige huisjes schijnen opgeworpen, want zij zijn, witte geveltjes en roode daken, opeengestapeld tot hoog aan den eersten torentrans. Het is alsof geheel Vlaanderen den achtergrond vult. Rechts en links is er dan een rustig wit muurtje dat het tooneed afsluit. Hierin dan de tooneelen tusschen Tijl en Nele, het opdagen van Lamme Goedzak onder de huifkar uit, de joelende bende der beeldstormers, Tijl's aanspraak uit het kerkvenster: "Ik ben een geus !" Dit alles bewaart iets groots en zeker zou de indruk, die hiervan uitgaat, tienmaal sterker zijn, zoo er beter gespeeld werd. Om de mise-en-scène van den proloog verdient de regie allen lof, maar in het stuk, van het eerste bedrijf af, zag het er uit of de onhandigste dilettanten aan het woord kwamen. Nele speelde het ontroerend afscheidstooneel met Tijl, wijl ze gedurig met haar rug naar het publiek stond (net als in een realistisch familiedrama), de volksmenigte scheen zoo van de straat opgeraapt en daar, in Carnavalskleedij, uitgegooid op de planken zonder de minste orde of tucht. Daartusschen drentelden soldaten, die nog zouden moeten leeren hun eenen voet voor den anderen te zetten. En dan, ook het individueele spel was vaak zeer bedenkelijk. De "graaf" declameerde alsof hij in De twee wezen speelde. Lamme Goedzak ging, telkens wanneer hij een woord te zeggen had, precies achter Tijl staan. Zoo volgehouden, was deze beweging, dat we een tijdje gepoogd hebben, daar enige symbolieke waarde in te ontdekken. Ten slotte bleek G. Vandermeulen, een nieuw aangeworven kracht en een begaafd acteur, niet bestand tegen de rol van Tijl, die hem verpletterde. In deze omstandigheden kon het eerste bedrijf niet tot zijn recht komen. Maar tot hier voelden wij duidelijk, dat vooral de regie tekort schoot. In II en III kwam stilaan twijfel die zekerheid in ons verminderen. Hier verplaatst de auteur de handeling in de herberg, waar Nele en Calleken zijn opgesloten.

Wij denken aan den bar "Chez Chanteclair' in Van de Velde's Tijl. Maar als wij verder vergelijken, wint Van de Velde het zeker op Ashley Dukes (wat dit bedrijf betreft) en wint Johan de Meester Jr. het op Arie van den Heuvel, van wien wij beter verzorgd werk gewoon zijn. In III is Slaet op den Trommele een zeer banaal stuk geworden, dat bovendien koud en futloos eindigt. Het publiek had al zijn enthousiasme van den aanvang verloren. Aan de vestiaire ving ik volgende appreciatie op: "Tijl Uilenspiegel gezien door een tourist!"

Het is best mogelijk, dat deze episode uit Tijl's leven heel wat succes behaalt.... te New-York. Hoezeer zou ik wenschen, dat een betere vertooning mij beter deed denken over dit stuk, waarvan de inzet mij een machtige bekoring was en het verdere verloop een pijnlijke ontgoocheling.


Items that may be related to this text

  1. ◼◻◻◻◻ Anon.: Opening van den Koni... 1920-11-01
    (author) Anon. • vlaamschen schouwburg • Koninklijke Vlaamsche Schouwburg, Brussel • schouwburg • brussel
  2. ◼◻◻◻◻ Anon.: Pirandello in den Vl... 1924-10-09
    (author) Anon. • vlaamschen schouwburg • Arie Vanden Heuvel • Koninklijke Vlaamsche Schouwburg, Brussel
  3. ◼◻◻◻◻ Willem Putman: Piet Langendijk : "D... 1926-07-15
    (date-year) 1926 • Anton Van de Velde • Johan De Meester jr. • spel • Tijl
  4. ◼◻◻◻◻ Anon.: De Spooktrein... 1936-04-27
    (author) Anon. • vlaamschen schouwburg • schouwburg • Koninklijke Vlaamsche Schouwburg, Brussel
  5. ◼◻◻◻◻ Anon.: Een théâtre d'avan... 1925-05-12
    (author) Anon. • Arie Vanden Heuvel • brussel • Johan De Meester jr. • Koninklijke Vlaamsche Schouwburg, Brussel
  6. ◼◻◻◻◻ Willem Putman: Tchapek : "R.U.R."... 1925-05-12
    spel • Johan De Meester jr. • vlaamschen schouwburg • Koninklijke Vlaamsche Schouwburg, Brussel
  7. ◼◻◻◻◻ Anon.: Het mysterie der mis... 1934-06-03
    (author) Anon. • Anton Van de Velde • Henri Ghéon • spel
  8. ◼◻◻◻◻ Willem Putman: Anton Van de Velde :... 1926-02-09
    Anton Van de Velde • Tijl • nele • tijl • bedrijf • Johan De Meester jr. • (date-year) 1926
  9. ◼◻◻◻◻ Lode Monteyne: Anton van de Velde: ... 1926
    Anton Van de Velde • Tijl • nele • tijl • bedrijf • (date-year) 1926
  10. ◼◻◻◻◻ Anon.: "Het Voorste Legioen... 1937-03-06
    (author) Anon. • Koninklijke Vlaamsche Schouwburg, Brussel • schouwburg • brussel